Fraude

Veel handelen en soms ook nalaten kan een vorm van fraude opleveren. In verschillende wetten is geregeld wanneer dergelijk handelen daadwerkelijk strafbaar is en welke strafrechtelijke gevolgen daaraan kunnen worden verbonden. Een gebruikelijk onderscheid is dat tussen enerzijds de commune fraudedelicten (voortkomend uit het Wetboek van Strafrecht) en anderzijds de fraudedelicten voortkomend uit bijzondere (straf)wetgeving.
Overigens is goed mogelijk dat men bij overtreding van een bijzondere fraudebepaling eveneens een of meer delictsomschrijvingen uit het commune Wetboek van Strafrecht vervult; onder omstandigheden volgt dan strafrechtelijke vervolging voor beide delicten, soms sluit vervolging voor de een vervolging voor de ander uit.
Commune fraude
In het Wetboek van Strafrecht heeft de wetgever diverse fraudedelicten opgenomen. Wat te denken van valsheid in geschrifte (artikel 225), verduistering (artikel 321-325), oplichting (326) en (bedrieglijke) bankbreuk (340-343). Het Wetboek van Strafrecht geeft een omschrijving van deze strafbare feiten en bepaalt ook met welke sanctie zij bedreigd worden.
Fiscaal strafrecht
Ook belastingfraude wordt strafrechtelijk gehandhaafd, met als bekendste voorbeeld strafrechtelijke vervolging vanwege overtreding van artikelen 68 en 69 Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR). Een alternatief is dat voor een dergelijke overtreding een fiscale (bestuurlijke) boete wordt opgelegd (de zogenaamde verzuimboete en vergrijpboete). Behalve in de AWR zijn ook in andere belastingwetten strafbare feiten te vinden, zoals in de Douanewet, de Wet op de Accijns en de Invorderingswet.
Sociale zekerheidsfraude
Sociale zekerheidsfraude is een verzamelterm voor de strafbare feiten die betrekking hebben op door de overheid aan haar burgers verstrekte gelden. Zo kent de Algemene bijstandswet (ABW) verplichtingen tot het verstrekken van alle voor de uitkering relevante informatie en wordt het weergeven van een onjuiste stand van zaken om zo een (hogere) uitkering te bemachtigen, met strafrechtelijke sancties gehandhaafd.
Milieustrafrecht en economisch strafrecht
Binnen de enorme verscheidenheid aan economische- en milieuregelgeving zijn allerhande strafbepalingen te vinden. Veel milieurechtelijke bepalingen worden gehandhaafd via strafbaarstelling in de Wet op de economische delicten (WED) die op zijn beurt terugwijst naar regelingen betrekking hebben op allerhande deelgebieden van het milieurecht. Zomaar een greep: afvalstoffen (asbest, coagulatieslib maar ook preiresten en eierschalen kunnen onder omstandigheden tot afvalstof worden gerekend), dier- en natuurbeschermingswetten, bodembescherming, bescherming van het oppervlaktewater en vervoer van gevaarlijke stoffen. In onder andere de Wet milieubeheer, de Flora- en faunawet, de Natuurbeschermingswet, de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, de Wet bodembescherming, de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en de Wet vervoer gevaarlijke stoffen komen deze onderwerpen nader aan de orde, die op hun beurt dikwijls terugwijzen naar regelgeving in Algemene maatregelen van bestuur (AMvB) en ministeriƫle regelingen. Ook Europees-rechtelijke regelgeving drukt een belangrijke stempel op het milieurecht.
