fraude-info.eu

Opsporing van fraude

Bef

De opsporing van strafbare feiten op het gebied van  fraude, economie of milieu is in handen van het Openbaar Ministerie. Indien u (of uw organisatie) in dat kader verdacht wordt van een strafbaar feit, dan krijgt u waarschijnlijk te maken met een bijzondere opsporingsdienst (BOD).

De BOD'en zijn:
* FIOD- ECD (Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst en Economische Controle Dienst, van het Ministerie van Financiën);
* SIOD (Sociale Inlichtingen en Opsporingsdienst van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid);
* AID (Algemene Inspectiedienst van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit);
* VROM- IOD (Inlichtingen en Opsporingsdienst van het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu).

De bevoegdheden die de verschillende ambtenaren zijn toegekend zijn uiteindelijk te onderscheiden in toezichthoudende bevoegdheden en opsporings- en vervolgingsbevoegdheden. Voor het strafvorderlijke traject zijn uiteraard met name de opsporings- en vervolgingsbevoegdheden van belang.

Dwangmiddelen
De hiervoor genoemde diensten maken, afhankelijk van de aan hun toegekende taken en bevoegdheden, gebruik van bevoegdheden uit het commune Wetboek van Strafvordering en van controle- en opsporingsbevoegdheden uit bijzondere wetgeving.

Waar moet u dan aan denken?
Controle van plaatsen, controle van gegevens (de boeken), binnentreden en doorzoeken van woningen, bedrijfspanden en voertuigen, het in beslag nemen en houden van goederen, het horen van personen (verdachten) en het vasthouden van deze betrokkenen (aanhouden en in verzekering stellen). Vaak is ook sprake van een strafrechtelijke financieel onderzoek (SFO), een onderzoek gericht op het vast stellen van wederrechtelijk verkregen voordeel, in het kader waarvan ook dwangmiddelen kunnen worden toegepast.

Buitenrechtelijke oplossingen
Van groot belang is om in een vroeg stadium met de opsporingsdiensten en Openbaar Ministerie (officier van justitie) in contact te treden teneinde mogelijke strafvervolging te voorkomen. Het is veelal in ieders belang dat een zaak uiteindelijk in der minne wordt opgelost (bijvoorbeeld door het betalen van een boete en het herstellen van onregelmatigheden).

Vervolging
Het Openbaar Ministerie kan besluiten tot strafvervolging, hetgeen betekent dat het OM streeft naar bewezenverklaring en strafoplegging en daartoe de zaak aan de strafrechter voorlegt. Onderzoeken betrekking hebbend op de financieel-economische criminaliteit worden dikwijls geleid door het Functioneel Parket. Bij grootschalige, landelijke dekking kan ook het Landelijk Parket leiding geven.

Rechten verdachte en rol advocaat
Als verdachte van een fraudedelict (artikel 27 Sv) heeft u naast plichten bepaalde belangrijke rechten. Zo is er het zwijgrecht, hetgeen betekent dat u geen antwoord hoeft te geven op vragen. Ook mag tijdens het verhoor geen ongeoorloofde druk op u worden uitgeoefend (artikel 29 Sv). Verder heeft u recht op een raadsman en op ongestoord overleg met deze raadsman (artikel 50 e.v. Sv). Van groot belang is ook dat u alvorens als verdachte te worden gehoord eerst overleg mag hebben met uw raadsman. Indien die toegang niet mogelijk is gemaakt door de opsporingsautoriteiten, dan zijn de afgelegde verklaringen niet bruikbaar in de latere strafzaak. Als verdachte heeft u recht op kennisneming van het strafdossier van uw zaak. Uw advocaat kan dit voor u opvragen, waarna u eventueel verzoeken kunt doen tot het verrichten van bepaalde onderzoekshandelingen, zoals het laten horen van getuigen. Op deze wijze kan de uiteindelijke uitkomst van de zaak worden beïnvloed.

De instanties die kunnen worden doorlopen zijn berechting door de arrondissementsrechtbank, het gerechtshof en cassatie bij de Hoge Raad.